Diuretica via infuus: toediening en veiligheid in thuissituatie
Diuretica toediening via infuus in thuissituatie vereist nauwkeurige monitoring. Van toedieningssnelheid tot NaCl-compatibiliteit, kritieke bijwerkingen (hypokaliëmie, dehydratie, nierfunctieuitval) en observatie, deze leidraad helpt verpleegkundigen veilig en doelmatig werken.
Inhoudsopgave
Beslisboom: Toediening van Diuretica
Deze beslisboom ondersteunt de keuze tussen bolusinjectie, mechanische pomp en elastomeerpomp bij de toediening van diuretica, gebaseerd op patiëntkenmerken, therapiedoel en organisatorische randvoorwaarden.
Toedieningsvormen binnen 24-uurs diuretica-therapie
Binnen de huidige richtlijnen zijn er drie gangbare toedieningsvormen:- Intermitterende bolusinjectie
- Continue infusie via mechanische pomp
- Continue infusie via elastomeerpomp
De keuze wordt bepaald door klinische noodzaak, veiligheid, haalbaarheid en patiëntcontext.
Bolusinjectie (intermitterend)
-
Kenmerken
- Intermitterende toediening (bijv. 1–3× per dag).
- Toediening via intraveneuze injectie of kortdurend infuus.
- Snelle piekconcentratie en directe diuretische werking.
-
Wanneer kies je voor bolusinjectie?
- Er is behoefte aan snelle diuretische werking (bijv. acute overvulling).
- De patiënt is klinisch stabiel en wordt frequent gemonitord.
- Continue infusie is (nog) niet noodzakelijk.
- Toediening kan veilig plaatsvinden door bevoegde zorgprofessional.
- Het zorgmoment past binnen bestaande zorgcontacten.
- Er is geen indicatie voor continue gelijkmatige diurese.
-
Aandachtspunten volgens richtlijnen
- Grotere kans op piek-dal spiegels → verhoogd risico op: hypotensie, elektrolytstoornissen, snelle volumedepletie
- Strikte monitoring vereist (diurese, gewicht, elektrolyten)
- Minder geschikt bij: Fragiele ouderen, langdurige thuissituatie, behoefte aan gelijkmatige diurese
Bolusinjectie is vooral geschikt voor kortdurende of acute situaties en als start- of overbruggingstherapie.
Mechanische infuuspomp (continue infusie)
-
Wanneer kies je voor een mechanische pomp?
- Gelijkmatige, nauwkeurige diurese is noodzakelijk.
- Dosering moet frequent kunnen worden aangepast.
- Volume ≥ 250 ml per 24 uur.
- Afwijking van ±10 % in inlooptijd is niet acceptabel.
- Er is behoefte aan een extra dosis (bolusfunctie) via de pomp.
- Patiënt/mantelzorger kan pomp bedienen of krijgt ondersteuning.
- Voorschrijver en apotheek adviseren mechanische pomp.
Voorkeur bij complexe, instelbare en intensief gemonitorde therapie.
Elastomeerpomp (continue infusie)
-
Wanneer kies je voor een elastomeerpomp?
- Stabiel diureticabeleid zonder frequente dosisaanpassingen.
- Totale volume ≤ 250 ml per 24 uur.
- Afwijking van ±10 % in inlooptijd is acceptabel.
- Mobiliteit en comfort van de patiënt zijn prioriteit.
- Zorgverzekeraar en apotheek gaan akkoord.
- Voorschrijver kiest expliciet voor elastomeerpomp.
Geschikt voor ambulante en thuissituaties met voorspelbare therapie.
Vergelijkend overzicht
| Kenmerk | Bolusinjectie | Mechanische pomp | Elastomeerpomp |
|---|---|---|---|
| Toedieningspatroon | Intermitterend | Continu | Continu |
| Nauwkeurigheid | Hoog | Hoog | Matig |
| Piek-Dal effect | Hoog | Laag | Laag |
| Doseeraanpassing | Normaal | Uitstekend | Niet mogelijk |
| Mobiliteit patiënt | Hoog | Matig | Hoog |
| Geschikt voor thuissituatie | Beperkt | Ja | Ja |
| Behoefte monitoring | Hoog | Hoog | Normaal |
Overkoepelende keuzefactoren
Bij elke keuze weeg je de volgende factoren af:- Klinische stabiliteit van de patiënt
- Gewenste snelheid en nauwkeurigheid van werking
- Frequentie van toediening
- Mobiliteit en leefomgeving van de patiënt
- Zelfstandigheid van patiënt/mantelzorger
- Risico op elektrolytstoornissen en dehydratie
- Beschikbaarheid en expertise van zorgprofessionals
- Apothekersadvies m.b.t. stabiliteit en bereidingsvorm
- Verzekerings- en logistieke randvoorwaarden (vergoed/niet vergoed)
Samenvattend beslisadvies
- Bolusinjectie: bij acute of kortdurende indicaties en snelle respons gewenst.
- Mechanische pomp: bij complexe, instelbare of nauwkeurige diuretica-therapie.
- Elastomeerpomp: bij stabiele, langdurige 24-uurs therapie met focus op mobiliteit.
Medicatie
De keuze voor toedieningsvorm wordt altijd multidisciplinair bepaald (voorschrijver – apotheker – verpleegkundige) en afgestemd per patiënt.-
Furosemide
- Kortlopend 1x daags: Ja kan intermitterend maar wordt dan niet vergoedt door de zorgverzekeraar
- Continu toediening: Ja
Bijzonderheden:
- Max. 4 mg/min
- Max. concentratie: 10 mg/ml
-
Dobutamine
- Kortlopend 1x daags: Nee, meestal continu infuus nodig
- Continu toediening: Ja
Bijzonderheden:
- Startdosis: 2–5 µg/kg/min
- Max. dosis: 20 µg/kg/min
- Concentraat: meestal 12,5 mg/ml (afhankelijk van bereiding)
- Monitoren: bloeddruk, hartfrequentie, ECG
-
Dopamine
- Kortlopend 1x daags: Nee, continu infuus
- Continu toediening: Ja
Bijzonderheden:
- Lage dosis: 1–5 µg/kg/min (nierendosering)
- Middelmatige dosis: 5–10 µg/kg/min (inotroop effect)
- Hoge dosis: >10 µg/kg/min (vasopressief effect)
- Max. concentratie: afhankelijk van bereiding, meestal 16 mg/ml
-
Milrinon
- Kortlopend 1x daags: Nee, alleen continu
- Continu toediening: Ja
Bijzonderheden:
- Start: 50 µg/kg bolus, daarna 0,375–0,75 µg/kg/min
- Max. continu: 0,75 µg/kg/min
- Concentraat: 1 mg/ml
- Let op: nierfunctie beïnvloedt dosis