Beslisboom veneuze toegang en toediening van antibiotica 

Goede infuustherapie begint met de juiste veneuze toegang, afgestemd op:
  • De eigenschappen van de medicatie
  • De verwachte behandelduur
  • De situatie en zelfredzaamheid van de patiënt
  • De veiligheid, kwaliteit van zorg en doelmatigheid

Deze leidraad ondersteunt zorgprofessionals bij het maken van een onderbouwde keuze voor veneuze toegang en toedieningsvorm in de (thuis)zorg. 

Inhoudsopgave

Beslisboom toegang en toediening van antibiotica

  • Stap 1: Is de medicatie geschikt voor perifere toediening?

    (Dit is altijd de eerste en doorslaggevende vraag) 

    Niet voor perifere toediening geschikte medicatie mag nooit via een perifeer infuus worden toegediend. 

    De medicatie is geschikt voor perifere veneuze toediening als: 

    • De eigenschappen geen verhoogd risico geven op chemische flebitis of extravasatie. 
    • Dit expliciet is opgenomen in productinformatie, ziekenhuisafspraken of OPAT-afspraken. 

    Let op: Osmolariteit en pH worden in recente richtlijnen niet meer als absolute grenswaarden gebruikt, maar als risicofactoren in samenhang met duur en infuusvorm. Daarom is de formulering aangepast naar “geschikt voor perifere veneuze toediening”.

  • Stap 2: Welke veneuze toegang is passend?

    (Katheterkeuze = keuze voor veneuze toegang) 

    Perifere veneuze toegang

    • Alleen als medicatie hiervoor geschikt is 
    • Kortdurende therapie 
    • Regelmatige inspectie noodzakelijk 

    Midline katheter

    • Geschikt bij behandelduur > 5 dagen tot maximaal 4 weken 
    • Alleen voor medicatie die perifeer gegeven mag worden
    • Minder puncties dan herhaald perifeer infuus 

    Centraal veneuze toegang

    Indicatie bij: 

    • Medicatie die centrale toediening vereist 
    • Langere behandelduur 
    • Een lastige vaattoegang  
    • Voorkeur voor PICC bij behandelduur ≥ 2 weken 
    • Alternatieven: getunnelde CVK of veneus poortsysteem (bij langdurige/intermitterende therapie) 
  • Stap 3: Verwachte behandelduur
    (De duur is richtinggevend, geen absolute grens) 
    • ≤ 5 dagen 
      → Perifeer infuus (mits medicatie geschikt) 
    • > 5 dagen tot ± 4 weken 
      → Midline of PICC, afhankelijk van medicatie en context 
    • ≥ 2-4 weken 
      → PICC of andere centrale veneuze toegang heeft de voorkeur 

    Met goede instructie en begeleiding kunnen sommige patiënten ook bij kortere therapieën zelfstandig handelen. 

  • Stap 4: Keuze van toedieningsvorm (pomp / zwaartekracht)

    Mechanische pomp 

    • Hoogste nauwkeurigheid 

    Geschikt wanneer:

    • Afwijking in inloopsnelheid niet acceptabel is
    • Patiënt/mantelzorger dit kan aanleren
    • Wanneer medicatie gekoeld toegediend moet worden 

    Vaststaand of mobiel afhankelijk van mobiliteitsbehoefte van de patiënt en inloopsnelheid van de infuustherapie 

    Elastomeerpomp 

    Geschikt wanneer: 

    • Afwijking van ±10-15% acceptabel is 
    • Volume passend is 
    • Medicatie hiervoor beschikbaar is 
    • Zorgverzekeraar akkoord is 

    CVK en elastomeerpomp 

     Er is geen absolute richtlijn die elastomeerpompen verbiedt bij CVK’s. Terughoudendheid is gebaseerd op: 

    • Verminderde flow-nauwkeurigheid 
    • Risico op occlusie en vertraagde detectie van complicaties 
      De toepasbaarheid moet per situatie worden beoordeeld. 

    Zwaartekracht 

    Alleen bij: 

    • Korte inlooptijd 
    • Aanwezigheid van een verpleegkundige 
    • Niet geschikt bij lange inlooptijden, vanwege gebrek aan toezicht 
  • Stap 5: Rol van patiënt, mantelzorger en zorgprofessional
    De keuze wordt mede bepaald door: 
    • Zelfstandigheid en leerbaarheid van patiënt/mantelzorger 
    • Aanwezigheid (of afwezigheid) van verpleegkundige zorg 
    • Verwachte belasting en risico’s 

    Richtlijnen benadrukken shared decision making en maatwerk: De juiste keuze is de keuze die, binnen veilige kaders, samen met de patiënt het beste past bij diens situatie, ook als dat afwijkt van de standaardroute. 

  • Onderhoud & veiligheid
    Wisselfrequentie infuuslijnen bij antibiotica: 
    • Richtlijnen noemen vaak 72–96 uur 
    • In de thuiszorg wordt regelmatig 1× per week gehanteerd. 

Beslisboom veneuze toegang en antibioticatoediening

  • Stap 1: Is de medicatie geschikt voor perifere veneuze toediening?
    • Nee → Centrale veneuze toegang vereist → CVK (incl. PICC) of veneus poortsysteem 
    • Ja → Ga door naar stap 2 
  • Stap 2: Verwachte behandelduur
    • ≤ 5 dagen → Perifeer infuus 
    • 5 dagen tot ± 4 weken → Midline of PICC (afhankelijk van medicatie en context) 
    • ≥ 2-4 weken → PICC of andere CVK 
  • Stap 3: Zelfredzaamheid patiënt/mantelzorger
    • Kan handelingen veilig aanleren/uitvoeren → Zelfstandig mogelijk
    • Kan dit niet → Verpleegkundige betrokken 
  • Stap 4: Inlooptijd en toedieningsvorm
    Inlooptijd ≤ 60 min: 
    • Verpleegkundige aanwezig → Zwaartekracht of vaststaande mechanische pomp 
    • Geen verpleegkundige → Mechanische pomp, zo nodig elastomeerpomp 

    Inlooptijd > 60 min: 

    • Zwaartekracht niet geschikt 
    • Keuze tussen mechanische pomp (vast/mobiel) of elastomeerpomp o.b.v. mobiliteit, nauwkeurigheid en volume 
  • Stap 5: Overige factoren
    • Mobiliteit patiënt 
    • Acceptabele afwijking in inloopsnelheid (±15%) 
    • Volume medicatie 
    • Akkoord zorgverzekeraar 
    • Beschikbaarheid bereiding 

Voor transferverpleegkundigen

Veneuze toegang: kernpunten 

  • Niet voor perifere toediening geschikte medicatie nooit perifeer toedienen 
  • Behandelduur is richtinggevend, geen absolute grens 
  • > 2-4 weken: overweeg midline of PICC 
  • ≥ 4 weken: voorkeur PICC 
  • Katheterkeuze = keuze voor veneuze toegang, niet voor een device op zichzelf 

Toedieningsvorm

  • Mechanische pomp: hoogste nauwkeurigheid 
  • Elastomeerpomp: mobiel, minder nauwkeurig, contextafhankelijk 
  • Zwaartekracht: alleen bij korte inlooptijd en aanwezigheid verpleegkundige 

Veiligheid en onderhoud

  • Inspecteer insteekplaats dagelijks 
  • Wisselfrequentie infuuslijnen: Thuiszorg vaak volgens Vilans protocollen (voorkeur) of meegekregen ziekenhuisprotocollen. 

Overzicht antibiotica & veneuze toegang

Let op: dit is een advies. Definitieve invulling vereist ziekenhuis-/OPAT-afspraken. 

Antibioticum Perifeer mogelijk CVC voorkeur Opmerkingen
Cefazoline Ja Bij >2 weken Lage irritatie
Flucloxacilline Soms Vaak Risico Flebitis
Vancomycine Ja (bij lage concentratie) Ja Centraal veneuze toediening bij hoge dosering de voorkeur in verband met risico irritatie vaten.
Piperacilline/tazobactam Nee Ja Hoge osmolariteit
Ceftriaxon Ja Bij lange duur Geschikt voor elastomeer

Kernboodschap: kies altijd eerst de juiste veneuze toegang, daarna pas het toedieningssysteem.